Stappenplan chronisch hartfalen
Dionne Rijnhout en Frederique van Velthuizen FTO 11-
Denk aan hartfalen bij:
Soorten hartfalen:
Indelingen hartfalen: forward failure v.s. backward failure, links falen v.s. rechts falen, HfpEF vs. Hfref.
Anamnese
Klachten: verminderd inspanningsvermogen, kortademigheid, vermoeidheid, orthopneu, aanvalsgewijze nachtelijke dyspneu, perifeer oedeem, nycturie.
Uitlokkende factoren: angineuze klachten; palpitaties of syncope; gebruik van toxische stoffen (alcohol, cocaïne, cytostatica); gebruik van geneesmiddelen die kunnen leiden tot natrium-
Voorgeschiedenis: cardiale problemen.
Risicofactoren voor hart-
Lichamelijk onderzoek
Overweeg ook uitbreiding van het laboratoriumonderzoek:
Bron: NHG hartfalen
HFpEF
HFmrEF/HFrEF
Stap 1
HFpEF of HFmrEF/HFrEF
LABORATORIUMDIAGNOSTIEK
Een normaal ECG in combinatie met een normaal (NT-
Gebruik deze regel niet bij patiënten met AF.
Chronisch hartfalen
2024-
Stap 2
Stap 3
Stap 4
Wat is hier aangepast t.o.v. het vorige verpleehuisformularium (december 2019):
Voor meer informatie over chronisch hartfalen zie pagina “achtergrondinformatie chronisch hartfalen”
}
Oorzaak: vaak hypertensie.
1 dd 25-
Werking: Blokkeren van de werking van angiotensine II. Daardoor minder vaatvernauwing en minder productie van aldosteron.
Belangrijke bijwerkingen: duizeligheid (orthostatische hypotensie), hoofdpijn, smaakstoornis, verminderde nierfunctie en verhoogde kaliumspiegel.
Dosering en opmerkingen: erbumine**: 1 dd 2.0mg in de ochtend. Evt na 2 weken verhogen tot 4 mg.
Clcr: 30-
Werking: Remt de werking van ACE, waardoor de omzetting van angiotensine I naar angiotensine II wordt verminderd. Hierdoor minder vaatvernauwing en minder productie van aldosteron.
Belangrijke bijwerkingen: prikkelhoest, duizeligheid (orthostatische hypotensie), hoofdpijn, smaakstoornis, verminderde nierfunctie en verhoogde kaliumspiegel.
** erbumine: Perindopril is de werkzame stof. Erbumine (ook wel tert-
Geneesmiddelnaam
Dosering + opmerkingen
ACE-
Geneesmiddelnaam
Dosering + opmerkingen
ARB (Angiotensine Receptor Blokker / Angiotensine-
20-
0,5-
Zie lab onderzoek (612).
Bij iedereen met hartfalen starten met 1e week 12,5 mg 1 dd. en 2e week 25 mg 1 dd.,daarna elke 2 weken dosis verdubbelen tot max 200mg 1 dd. Indien metoprolol uit de buffer, overbrug met 2 dd metoprololtartraat.
Werking: Remmen de werking van de bètareceptoren van het sympathische zenuwstelsel.
Bijwerkingen: benauwdheid en astma aanvallen (met name niet selectieve bétablokkers), koude handen en voeten, vermoeidheid, duizeligheid, hoofdpijn, orthostatische hypotensie, misselijkheid, buikpijn, diarree, obstipatie en maskeren van sympathische verschijnselen van een hypoglykemie.
Geneesmiddelnaam
Dosering + opmerkingen
Diureticum
Geneesmiddelnaam
Dosering + opmerkingen
Bèta-
NHG standaard -
Cardiometabool -
NHG -
Formularium -
Formularium -
Naslagwerk en bronvermelding:
Vermijdbare interacties bij voorschrijven:
1 dd 10 mg Bij verminderde nierfunctie is geen dosisaanpassing nodig. starten van de behandeling bij een GFR < 25 ml/min wordt ontraden, wegens beperkte ervaring. Bij verminderde leverfunctie: Bij een lichte of matige leverfunctiestoornis (Child-
Zie ook de afweging onder het stappenplan voor het wel of niet starten van een SGLT-
Geneesmiddelnaam
Dosering + opmerkingen
SGLT-
Oorzaken: MI, cardiomyopathie.
HFpEF ejectiefractie > 50 %
Hfmref* ejectiefractie 40-
HFrEF ejectiefractie < 40%
* Hfmref = Heart Failure mildly reduced EF
* Afweging al of niet starten i.v.m. risico op bijwerking van een SGLT-
Bijwerkingen:
Contra-
Wees terughoudend bij patiënten met hoog risico op dehydratie, dus niet gebruiken op een PG afdeling met kwetsbare ouderen.
pagina 016
index | tr.circulatorius | acuut coronair syndroom | stabiele angina pectoris | hypertensie | hypertensieve crisis | atriumfibrilleren | acuut hartfalen | chronisch hartfalen | hartfalen achtergrond info
cardio vasculair risico management | hypercholesterolemie | CVA (neurologicus) | perifeer vaatlijden | oedeem vorming benen | START-